Code Oranje, stap over naar blauw. Viva La Squadra Azzurra!

Op het gevaar af vrolijke lezers nu in een depressie te storten, begint hier een artikel over voetbal. Durf je dit verhaal nog aan, na het dramatische spel van Oranje het afgelopen jaar? Wij adviseren het van harte. Het wordt namelijk tijd om kleur te bekennen deze maand: geen oranje, maar Viva La Squadra Azzurra! Dan wordt het EK toch nog het aanzien waard. Maar waarom huilen de blauwen?

CalcioItaliano1 Zelfs paus Johannes Paulus II liet zich de uitspraak ooit ontvallen: ‘voetbal is de belangrijkste bijzaak in het leven’. Ach ja, het spelletje is eigenlijk als het leven zelf; soms zit het mee en soms zit het tegen. Het Nederlands elftal gaat op dit moment door een flinke dip. ‘Het zou geen team meer zijn,’ schreven analisten en journalisten. Of, zoals tijdens de wedstrijden tegen IJsland en Turkije, drie miljoen hulp-bondscoaches voor de tv genuanceerd uitschreeuwden: “Wat een k**- wedstrijd!”

Il Giornale waagt zich niet op het speelveld van de autoriteiten en specialisten, maar stelt bescheiden voor om het vizier volgend jaar zomer een beetje bij te stellen. Gun Blind en consorten hun retraite en laten wij ondertussen het blauwe team steunen. De Italianen inderdaad, want laten we eerlijk zijn: Italianen zijn altijd een team. Het mogen dan elf grote sterren zijn, de nationale trots maakt ijzersterk als in allen voor één. Het nationale team van Italië behoort dus nog altijd tot de wereldtop, maar waarom wordt er nog zo weinig gelachen langs de lijn of gejuicht op de tribune?

Bij veel clubs in het land hangt de vlag halfstok en menig supporter huilt. Voetballers zijn heilig namelijk en welke Italiaan je ook spreekt: zijn cluppie is de beste van de wereld. Maar dat cluppie gaat niet zo goed meer. Spelers en supporters vertrekken, stadions storten in. Een nationale ramp lijkt zich te voltrekken. Il Calcio Italiano noemen de Italianen hun nationale sport, om aan te geven dat het meer is dan een spelletje. Het is cultuurgoed, maar dan wel in een wankele staat. Het cultuurgoed verliest zijn glans en Italië dreigt steeds meer in buitenspelpositie te komen.

Handenschudden voor de finale van het WK 1938. Italië won de wedstrijd tegen Hongarije met 4-2

Handen schudden voor de finale van het WK 1938. Italië won de wedstrijd tegen Hongarije met 4-2

Romeinse aanval?

logo voetbalbond italieVoordat we een oproep doen aan monumentenzorg, de vlag verder hijsen en het volkslied  laten klinken, eerst even een warming-up uit de geschiedenisboeken. Nee, de Italianen hebben de voetbalsport niet uitgevonden, al durven historici nog wel een wedje te slaan rond balspelletjes ten tijde van de Romeinen. Het waren de Britten die de sport min of meer zijn huidige vorm hebben gegeven, waarvan akte. Maar een balletje kan raar rollen, dus niet veel later hadden ook de Europeanen op het vasteland het spel onder de knie. Aan het eind van de 19de eeuw kwamen vervolgens ook andere knikkers aan het rollen, ka-ching. Betaald voetbal werd ingevoerd en om de kersverse internationale competitie in goede banen te leiden, werd in 1904 de FIFA opgericht. De Italianen (La Squadra Azzurra – het blauwe team) stonden als geen ander te trappelen. De competitieve drift was de Italianen niet vreemd: Aanvallen! En dat deden ze. De eerste wereldkampioenschappen, in 1934 en 1938, werden dan ook met glans gewonnen.

Transfer

Gullit en Van Basten nemen in 1990 de wereldbeker mee naar huis

Gullit en Van Basten nemen in 1990 de wereldbeker mee naar huis

Dat Italië het spelletje na de Tweede Wereldoorlog niet verleerd was, bleek al snel. De nationale sport gaf de glorie van weleer een flinke poetsbeurt met de bouw van grote stadions en een run op de verenigingen. Voetbal was bovendien meer dan prestige alleen, er viel groot geld te verdienen en dat nieuws was ook buiten Italië gehoord. Faas Wilkes was de eerste Nederlander die Italiaanse vruchten plukte op de transfermarkt. Drie landgenoten gingen hem voor, maar kozen voor clubs in Engeland of Frankrijk. Voor Wilkes, de spits van het Rotterdamse Xerxes, legde Internazionale 60.000 gulden op tafel. De Italiaanse droom in de voetballerij was een feit en vele Nederlandse spelers volgden in het waargemaakte droomspoor van Wilkes, met als absoluut hoogtepunt de komst van het trio Van Basten, Gullit en Rijkaard naar AC Milan. Zij kregen, vergeleken met de ‘fooi’ voor Wilkes, koffers vol Lires. Sterspelers werden het, voetballers die speelden op het hoogste podium.

Anno 2016 moeten we met treurnis vaststellen dat het podium van toen langzaam is afgebrokkeld. Ook de competitie bevindt zich op een glijdende schaal. Wat is er over van één van de grootste voetballanden ter wereld? De stadions lopen leeg, corruptie lijkt niet uit te bannen en zelfs de Italiaanse toppers spelen liever in België. Gejuicht werd er voor Zoff en Maldini, Del Piero en Pirlo, maar voor wie gaan de supportershandjes volgend jaar nog de lucht in?

De analyse

Sportjournalist Chris Meijer heeft zich vastgebeten in het Italiaanse voetbal. Hij volgt de Serie A, Serie B en Gli Azzurri op de voet en doet regelmatig verslag – ook van de bijzaken in de voetballerij – via zijn blog. Het Italiaanse voetbal verdient in zijn ogen namelijk beter en bovenal meer aandacht in de Nederlandse kranten. “Het is niet alleen rozengeur en maneschijn in bella Italia. De toeschouwers blijven de laatste jaren massaal weg en de stadions lopen flink leeg. Op het gebied van toeschouwersaantallen verliezen de Italianen het al jaren van Engeland, Duitsland en Spanje. En dan ook nog eens die corruptieschandalen. Corruptie lijkt innig verbonden te zijn met het Italiaanse voetbal, ze laten elkaar niet los. Kijk, in geen enkel land spelen zoveel tegenstrijdigheden in het voetbal als in Italië. Al deze factoren samen maken de cultuur van het Italiaanse voetbal. Een unieke cultuur, waar de mensen leven voor het voetbal.”

De ooit zo succesvolle voetbalclub uit Parma ging vorig jaar voor de tweede keer failliet

De ooit zo succesvolle voetbalclub uit Parma ging vorig jaar voor de tweede keer failliet

Commedia dell'Arte van Mario Balotelli tijdens het EK van 2012

Commedia dell’Arte van Mario Balotelli tijdens het EK van 2012

Voetbal is theater

Meijer weet zich in zijn gemengde gevoelens en op zijn blog gesteund door David Endt, voormalig teammanager en persvoorlichter van Ajax. Ook hij is een supporter van het Italiaanse voetbal, Internazionale in het bijzonder. “In Italië heet het voetbal geen fussball, football of foot. Het heet Calcio. Calcio is iets anders dan voetbal, het is een metafoor voor het Italiaanse leven. Er heerst in Italië een fantastische fascinatie voor het voetbal. Het Italiaanse voetbal is een wereld op zich. Passie is er in ieder land op zijn eigen manier, maar in Italië uit de passie zich in de onvoorwaardelijke ondersteuning. Er is veel theatrale uiting. De supporters zijn van nature dan ook uitbundig en fanatiek, en het voetbal wordt vanuit de emotie gespeeld.”

Toch moet ook Endt toegeven dat de glans vandaag ontbreekt. “Vroeger was het Italiaanse voetbal een toneelstuk, soms Commedia dell’Arte. Een vrije trap duurde bijvoorbeeld al snel drie minuten, voordat de muur goed stond, de bal goed lag, enzovoort. Dat was nergens anders zo te zien. Een ander voorbeeld wat het Italiaanse voetbal voorheen uniek maakte was het feit dat de spelers binnen in een zaaltje hun warmingup deden. Het publiek zag de hoofdrolspelers pas bij het begin van de wedstrijd. Dat gaf een unieke sfeer, het moment dat de matadors het veld betraden op een sukkeldrafje gaf een vulkanische explosie van geluid. De supporters hadden namelijk nog niet gezongen tijdens de warming-up, dus het absolute hoogtepunt voor hen kwam aan het begin van de wedstrijd.”

Gianluigi Buffon, keeper van La Squadra Azzurra, zingt het Fratelli d'Italia altijd gepassioneerd mee

Gianluigi Buffon, keeper van La Squadra Azzurra, zingt het Fratelli d’Italia altijd gepassioneerd mee

Daarnaast ziet de journalist Endt dat het Italiaanse voetbal veel kansen onbenut laat. “De teloorgang van het Italiaanse voetbal heeft vooral te maken met de infrastructuur en de faciliteiten. Stadions liggen er onverzorgd bij. Er is sprake van een slecht beleid bij de meeste Italiaanse clubs, het houdt geen gelijke tred met de wetten van het hedendaagse voetbal. Laat ik het zo zeggen: het opportunisme regeert nog in het Italiaanse voetbal. Een aantal keer niet winnen houdt in dat de trainer eruit vliegt. Er is geld, er is historie, er is traditie, maar dat moet wel goed benut worden. Daarnaast is fysieke kracht nog steeds belangrijker dan techniek in het Italiaanse voetbal, dat was vroeger anders. Clubs hebben atleten, maar het verfijnde moet erin bij de spelers. Ja, het conformisme is het grootste probleem van het Italiaanse voetbal. Clubs durven niet te innoveren en houden vast aan oude gebruiken. Als dit niet doorbroken wordt, blijft het een neerwaartse spiraal.”

Juventus opende een paar jaar geleden een nieuw stadion en staat nu weer aan de top in Italië en Europa

Juventus opende een paar jaar geleden een nieuw stadion en staat nu weer aan de top in Italië en Europa

De weg terug

Zoals je de beste stuurlui aan wal kunt vinden, zo zitten de beste voetbalcoaches op de tribune. Of achter de pc op de redactie. Laat duidelijk zijn dat Il Giornale zich verre houdt van goedbedoelde analyses en adviezen. Wij besluiten slechts met een feitelijke constatering dat de Italiaanse voetbalclubs worstelen met de (on)gedane zaken en hun weg zoeken naar boven. De weg naar eerherstel, de weg naar trotse supporters en de weg naar het kampioenschap. Juventus gaf daarin het goede voorbeeld en er zullen meer clubs volgen. Gelukkig weten ze zich daarbij gesteund door ‘onze’ mannen Kevin Strootman, Edson Braafheid, Nigel de Jong en heel veel andere Nederlandse toppers in de Serie A. Wij houden immers van Blauw. En stiekem ook nog een beetje van Oranje.

Lees ook: exclusief interview Wim Kieft over zijn tijd in Italië

ScreenHunter_02-Nov.-01-23.54

Logo’s van bekende Italiaanse bvoetbalclubs

 

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd Required fields are marked *

*