Lang leve(n) de Italianen met lekkere biologische producten

Over de keukengeheim en tafelmanieren van de Italianen zijn vele bladen, boeken en kranten volgeschreven. Logisch, zult u – als Italofiel – zeggen. Maar hoe biologisch is die logica eigenlijk? Is dat credo van die pure en eerlijke keuken nou ook wetenschap of slechts ‘etenschap’? Met de nasmaak van de zomervakantie nog op de tong, duikt Il Giornale naar de wortels van la Cucina Italiana, maar dan wel de pure wortels…  

Hoewel de economische crisis er in Italië toe leidt dat steeds meer mensen gaan bezuinigen op hun eerste levensbehoeften, zoals eten en drinken, blijft de Italiaanse omzet van biologische producten stijgen. Dat is onder meer te wijten aan het feit dat Italië tot de koplopers in de wereld behoort als het gaat om het aantal bedrijven en de voor biologische landbouw gebruikte oppervlakte. Volgens het Italiaanse Ministerie van Landbouw werkt ruim 80% van de 50.000 bedrijven in de sector uitsluitend biologisch. Voor de statistici: Nederland komt nog niet tot een kwart. De oppervlakte voor biologische productie in Italië is overigens zo’n 1,1 miljoen hectare.

DSC08279

De positieve resultaten zijn indirect het gevolg van stimulerend overheidsbeleid. Aan het begin van deze eeuw, toen veel boeren op het land amper een boterham op de plank kregen, kwam de regering namelijk met een aantrekkelijk fonds voor de landbouwsector. Zo konden de traditionele boeren die overstapten op biologisch ondernemen op een paar extra boterhammen van het Rijk rekenen. 33% van alle landbouwers maakten daar gebruik van en zij plukken letterlijk nog altijd de vruchten. Bovendien was het anderszins ook een kwestie van moeten. Zo kwam er een wet die scholen verplichte tot het gebruik van bio in de kantines. Koren op de boerenmolens dus.

452250

Fraude

Er blijkt ook kaf onder het biologisch koren verscholen te zitten. Zo werd de sector begin dit jaar opgeschrikt door enkele fraudezaken en de EU spreekt zelfs van georganiseerde misdaad. De zaak krijgt dan ook veel aandacht van de overheid en ook Brussel bemoeit zich met deze illegaliteit. Derhalve is het de vraag of alle cijfers over areaal en aantal bedrijven die genoemd worden voor 100% betrouwbaar zijn. De administratie rammelt hier en daar, ook omdat boeren lid kunnen zijn van verschillende organisaties en coöperaties in sommige gevallen gezien worden als één bedrijf. Maar ook als het aantal bedrijven minder zou zijn dan in de statistieken wordt vermeld, is de groei in Italië nog altijd erg groot.

svezzamento-cibi-fatti-in-casa-per-abituare-i-bimbi-a-frutta-e-verdura_1513Buiten Italië is de indruk ontstaan dat het biologisch areaal in ‘de laars’ voornamelijk bestaat uit extensieve olijfboomgaarden en grasland met schapen en geiten, maar dat is een vertekend beeld. Er wordt vooral veel graan verbouwd, maar ook fruit en groente, en er worden druiven geteeld voor de wijnproductie. Zo’n 35% van de landbouw betreft grasland en nog geen 10% komt voor rekening van de teelt van olijven. Ook de biologische landbouw in het algemeen is niet gelijkelijk verdeeld over Italië. De eilanden Sicilië en Sardinië nemen al de helft voor hun rekening en op het vaste land doen Toscane en Le Marche goede bio-zaken.

Export groeit

De biologische jubelzang beperkt zich niet tot de boer, ook burgers en buitenlui in Italië krijgen steeds meer de smaak te pakken. Volgens de cijfers van Ismea, de belangenorganisatie voor de biologica in Italië zijn de biologische aankopen van gezinnen in supermarkten vorig jaar met 11% gestegen en in het jaar ervoor al met 9%. Dat komt neer op een slordige 550 miljoen euro op jaarbasis. De best verkochte producten zijn groenten en fruit (30%), zuivel (23%), eieren, pasta en brood.

Ook de speciaalzaken zien de laatste jaren een duidelijke groei, vooral in het noorden en midden van het land. In Nederland zien we wat dat betreft nog vrij weinig van de biologische Italiaanse boodschappen in de winkels. Een uitzondering betreft de vloeibare keuken, dus wijn en olie. In de landen om ons heen, waar men over het algemeen niet zo zuinig is bij de inkoop van kwaliteit, doet het biologische Italië erg goede zaken. Duitsland, Frankrijk en Groot Brittannië halen graag groenten, fruit, olie, honing, pasta, koekjes en gebak uit ‘de laars’. Ook over dit jaar zijn de Italiaanse exportverwachtingen zeer positief. Niet alleen richting de Europese bondsgenoten, want ook grootmachten als de VS, Rusland en China hebben een biologische interesse.

Mercato_verdure

La cucina povera

Een verklaring voor het groenste jongetje in de Europese klas lijkt voor een groot deel verankerd in de culinaire cultuur van het land. Armoede in Zuid-Europa heeft de Italianen creatief gemaakt, of zoals Nederlanders zeggen: ze hebben van de nood een deugd gemaakt. De Italianen leerden zelf vissen, slachten en tuinieren, en daarnaast met   minder genoegen te nemen. Bovendien beschikken ze over een hoge mate van eerbesef, dus liever wat minder boontjes van topkwaliteit dan veel smakeloze. Nog altijd behoeft de Italiaan geen opsmuk op zijn bord en maakt hij met een goed glas wijn, zelfs in crisistijden, van iedere hap een feestmaal. Het is ook daarom dat Italië in 1989 de bakermat werd van de organisatie Slow Food, opgericht als antwoord op de fast food trend en het verdwijnen van lokale tradities rondom eten en drinken.

De oprichters stelden een manifest op waarin het ‘recht op genieten’ was opgenomen, typisch Italiaans. Dat ‘recht’ moet overigens niet worden vertaald in het credo op een bourgondische levensstijl, maar als een verantwoordelijkheid om het gastronomisch erfgoed en de keuken- en tafelcultuur te beschermen. Slow Food telt wereldwijd inmiddels meer dan 100.000 leden, waarvan de meesten in Italië. In Nederland staat de teller nu op 3000, maar ook hier laat de organisatie steeds meer van zich zien en proeven, zodat de trend van duurzaam en biologisch eten ook in Nederland steeds meer voedingsbodem krijgt.

Gerda Verburg

Gerda2Duurzaam en biologisch produceren zijn voor veel Italianen inmiddels een tweede natuur geworden, maar ook voor één Nederlander in Rome: Gerda Verburg. De voormalig landbouwminister is sinds twee jaar permanent vertegenwoordiger van Nederland bij de FAO, de voedsel- en landbouworganisatie van de VN. Daarnaast is ze betrokken bij het Internationaal Fonds voor Landbouwontwikkeling. Dat deze organisatie opereert vanuit de hoofdstad van het ‘lekkerste’ land mag dus een vanzelfsprekendheid zijn.

Het was ook voor Verburg een ideale biotoop om haar jarenlange lobby voor duurzame landbouw voort te zetten, zo vertelde ze eerder in onze krant: “In Rome zag ik kansen om het thema internationaal  op de agenda te zetten, al zou het wel moeilijk worden. Ik kwam in Rome op het moment dat het niet goed ging met de FAO. Het imago was niet best, er waren grote prijsstijgingen, voedselrellen en de organisatie kreeg nauwelijks nog voet aan de grond . Dat was voor mij – en is nog steeds – de grootste uitdaging. Ik wil dat politiek, producenten en burgers inzien hoe belangrijk het is om te investeren in voedsel en in duurzame ontwikkeling.”

Lees ook:  Proef het leven! Italië leidend in biologische levensstijl

Herken de biologische keurmerken

  • Alle voorverpakte en goedgekeurde biologische voedingsmiddelen in de Europese Unie moeten dit  EU logo sinds 2010 dragenAlle voorverpakte en goedgekeurde biologische voedingsmiddelen in de Europese Unie moeten dit EU logo sinds 2010 dragen

 

 

  • Het oude logo biologische producten wordt soms nog gebruiktHet oude logo voor biologische producten wordt soms nog gebruikt

 

 

 

  • 1364497570_youthfoodmovement-logoYouth Food Movement logo

 

 

 

  • 82603475Slow Food logo

 

 

 

  • icea_logo2Veel Italiaanse biologische producten dragen het ICEA keurmerk, een Italiaanse certificering die de productie met respect voor mens en natuur garandeert

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd Required fields are marked *

*